Dit is wat je moet weten over een atletiekpiste

Sinds ik begin mei als online marketing medewerker bij Sporta werk, kreeg ik ook de luxe om niet alleen een Finse piste te gebruiken, maar ook een atletiekpiste. Het was dan ook geen absolute verrassing dat ik op m’n tweede werkdag na het werk in loopoutfit op die eerder genoemde atletiekpiste stond. Toen was ik uiteraard nog een newbie, maar door twee keer per week op de piste te trainen, kan ik mezelf nu toch wel een beetje een expert noemen. Dit is namelijk wat je moet weten over een atletiekpiste.

Drie redenen om van de atletiekpiste te gaan houden

Oké, toegegeven: in rondjes lopen klinkt niet superaantrekkelijk. Toch heeft het trainen op de atletiekpiste een hoop voordelen. Hier zijn alvast drie redenen om van de atletiekpiste te gaan houden:

  1. Je kan jezelf goed pacen. Een snelheidstraining kan je uiteraard ook perfect op een loopband doen. Maar daar zorgt de band ervoor dat je steeds dezelfde snelheid houdt. Geen uitdaging toch? Dankzij de atletiekpiste zal je dan ook mentaal uitgedaagd worden om je snelheid vast te houden.
  2. Je hoeft niet op het verkeer letten. Vroeger deed ik m’n snelheidtrainingen op straat, maar dit vereiste nogal wat multitasking: lopen, intervallen tellen, halfweg niet vergeten terug te draaien én vooral kijken dat ik niet omver werd gereden. Op de atletiekpiste is de baan letterlijk van jou.
  3. Je maakt nieuwe loopvrienden. Wanneer er een atletiekpiste in de buurt is, ben je waarschijnlijk niet de enige loper die zich gelukkig prijst. Je zal dan ook regelmatig andere lopers tegen komen, en wie weet maak je zelf nieuwe trainingsmaatjes.

Drie tips voor beginners

Heb je nog nooit op de atletiekpiste gelopen? Dan geef ik je hier drie tips.

  1. Plan op voorhand. Probeer, indien mogelijk, je training al mentaal voor te bereiden: welke pace ga je lopen? Met wie ga je lopen? Hoe lang ga je lopen?
  2. Vergeet je opwarming niet. Ga niet zomaar in de wilde weg tekeer op de atletiekpiste, want zo riskeer je een verrekte spier. Probeer om eerst een kwartier te joggen voor je aan het zwaardere werk begint.
  3. Bouw op. Zoals ik eerder al zei: ga niet zomaar in de wilde weg tekeer. Probeer sneller te eindigen dan je gestart bent (negatieve split). Laat je pace desnoods iets zakken om te voorkomen dat je nog extra rust moet inbouwen.

Atletiekpiste-woordenschat

  • Interval: een interval refereert naar de tijd die je spendeert om de herstellen tussen twee snelheidssegmenten. Maar meestal wordt de term in het algemeen als een soort van trainingsvorm gebruikt.
  • Herstel: joggen of wandelen tussen snelheidssegmenten, waardoor je hartslag daalt en je kan herstellen.
  • Repeats: de snelheidssegmenten die tijdens een training herhaald worden, met een herstel tussendoor.
  • Split: de tijd die je nodig hebt om een bepaalde afstand af te leggen. Als je op een atletiekpiste 800 meter, oftewel twee rondes loop, kan je je halfweg je split bekijken.
  • Stride: een korte ‘snelheidsuitspatting’ waarbij je hartslag de hoogte inschiet en je je benen voorbereid op een hoge snelheid. Meestal loop je ze op 90% van je maximale inspanning voor 20 seconden, met (uiteraard) een herstel tussendoor.

Heb jij al eens op een atletiekpiste gelopen? Of heb jij nog meer handige tips? Let me know! 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s